Core Web Vitals zijn drie metingen waarmee Google bekijkt hoe prettig je site werkt: hoe snel de pagina verschijnt, hoe snel hij reageert en of hij stil blijft staan. Ze tellen mee voor je positie, maar goede inhoud weegt zwaarder.
Wat zijn de drie metingen?
| Meting | Wat het betekent | Goed |
|---|---|---|
| LCP, Largest Contentful Paint | Hoe snel het grootste deel van de pagina zichtbaar is | Onder 2,5 seconde |
| INP, Interaction to Next Paint | Hoe snel de pagina reageert als je tikt | Onder 200 milliseconden |
| CLS, Cumulative Layout Shift | Hoeveel de pagina verspringt tijdens het laden | Onder 0,1 |
Hoe meet je het?
Ga naar PageSpeed Insights van Google en voer je adres in. Bovenaan zie je, als er genoeg bezoekers zijn, wat echte gebruikers meemaken. Daaronder staat een testmeting. Die testscore kan per meting flink verschillen, dus trek geen conclusies uit één keer testen. In Search Console vind je een overzicht van je hele site.
Waarom is mijn LCP slecht?
Meestal is dat een grote foto bovenaan de pagina. Zet foto's om naar WebP, verklein ze tot de maat die echt nodig is en laad de eerste foto niet met vertraging. Laat de bovenste tekst ook niet met een animatie binnenschuiven, want dan wacht de meting daarop. Ook lettertypes die het tekenen tegenhouden kosten tijd.
Bij de site van een klant zijn alle foto's omgezet naar WebP, in een grote en een kleine versie, en de lettertypes laden niet meer blokkerend. De mobiele score ging daardoor omhoog van rond de 77 naar 84 tot 89.
Waarom reageert mijn site traag?
Dat komt door te veel JavaScript. Elke chatknop, slider en meetscript moet in de browser worden uitgevoerd, en op een goedkope telefoon duurt dat. Haal weg wat je niet gebruikt en stel de rest uit.
Waarom verspringt mijn pagina?
Dat gebeurt omdat foto's, advertenties of cookiebalken ruimte innemen nadat de rest al geladen is. Geef afbeeldingen een vaste breedte en hoogte, dan houdt de browser daar vooraf ruimte voor vrij.
Wat doet je hosting ermee?
Hosting bepaalt hoe snel de eerste byte aankomt. Goedkope gedeelde servers staan soms ver weg of zijn druk, en dan begin je al met een achterstand. Een statische site op een netwerk van servers, een zogeheten CDN, stuurt de pagina vanaf een plek bij de bezoeker in de buurt. Dat scheelt zonder extra werk al een flink stuk.
Bij WordPress helpt een cacheplug-in, die pagina's klaarzet zodat ze niet bij elk bezoek opnieuw gebouwd worden. Maar stapel niet meerdere van die plug-ins, want die gaan elkaar in de weg zitten.
Moeten scores altijd 100 zijn?
Nee. Staar je niet blind op de score van 0 tot 100. Die is een testmeting op een nagebootste trage telefoon en wisselt per keer. Ik heb op één homepage kort na elkaar 75 en 94 gemeten, zonder dat er iets veranderd was. Tel de drie metingen hierboven zwaarder en kijk vooral naar echte gebruikersdata. Een verbetering kan ook averechts werken: bij een klant maakte een extra instelling om de hoofdfoto vooraf te laden de site juist trager. Meet dus altijd voor en na.
Hoe belangrijk is dit voor Google?
Lang niet zo belangrijk als sommige verkopers zeggen. Een pagina die de vraag het beste beantwoordt, wint van een snellere pagina die dat niet doet. De belangrijkste reden om snel te zijn is de bezoeker. Mensen haken af als een pagina op de telefoon blijft laden. Je wint dus bezoekers, niet alleen posities.
Waar begin je?
Mijn advies: test je homepage en je belangrijkste dienstpagina op mobiel, kijk bij welke meting het rood staat en pak die aan. Begin bijna altijd bij de foto's. Is je site met WordPress gebouwd en krijg je het niet omhoog, dan ligt dat vaak aan het thema, zoals ik uitleg bij WordPress website laten maken. Snelheid hoort ook bij onderhoud. Meer over andere factoren lees je in hoger in Google komen.